De lente komt van ver
De lente komt van ver, ik hoor hem komen
en de boomen hooren, de hooge trilboomen,
en de hooge luchten, de hemelluchten,
de tintellichtluchten, de blauwenwitluchten,
trilluchten.
O hoor je haar komen
met je zachte warme vingeren
hoog trillende in de bloeme-
luchten die rondom klingelen?
met je vlottend haare
met het licht gebaren
van je blauwe vervlietende oogen
in het allerhooghooge
het hoogheilige luchtige goudluchtere licht?
hoor je ‘m komen tederstil licht?
Bovenstaand is een fragment uit een gedicht van Herman Gorter.
Kijk ik uit mijn raam zie ik een stralend blauwe lucht en krijg ik een lentegevoel. Mijn blik mag echter niet verder naar beneden dalen want dan aanschouwt mijn oog, daken met sneeuw en een wit besneeuwde tuin.
Ik hou van witte tuinen maar dan bedoel ik een tuin vol witte bloemen. Een tuin vol tederstil licht. Wat verlang ik naar de lente, als de eerste zonnestralen het klimop bereiken. Deze week ga ik witte bloemen zaaien in potjes op de vensterbank, de Ammi majus, witte Dille, een pracht op ranke steeltjes. Deze plant vlecht ik dit jaar door de border van mijn stadstuin samen met Cleome spinosa ‘Helen Campbell’, kattesnor. Ook in mijn pluktuin komen deze planten te staan, mooi om te verwerken in bloemschikken. Een oude liefde die ik weer gevonden heb.

Winterstilte

Winterstilte
De grond is wit, de nevel wit,
De wolken, waar nog sneeuw in zit,
Zijn wit, dat zacht vergrijzelt.
Het fijngetakt geboomte zit
Met witten rijp beijzeld.
De boom houdt zich behoedzaam stil,
Dat niet het minste takgetril
‘t Kristallen kunstwerk breke,
De klank zelfs van mijn schreden wil
Zich in de sneeuw versteken.
De grond is wit, de nevel wit,
Wat zwijgend tooverland is dit?
Wat hemel loop ik onder?
Ik vouw de handen en aanbid
Dit grootsche, stille wonder.
Jacqueline E. van der Waals
1868-1922
Landschap

Landschap
Ik heb een plaatsje bij het raam
de conducteur zwaait met het spiegelei
de trein vertrekt op tijd
verheug me op de reis
mijmerend over het landschap
met alle schakeringen groen
ontluikende bomen en planten
vogels vliegend naar de horizon
denk aan oneindige vlakten
met korenbloemen en wilde weit
aan water, dijken en molens
mijn land, wat denk ik je rijk
een industrieel landschap raast voorbij
zie een woud van torens
kantoorpanden, wegen en viaducten
met hier en daar een postzegel groen
dorpen worden steden
velden volgegoten met beton
staar verbijsterd naar buiten
mijn land, je bent tot steen geworden.
Een vleugje lente
Lente
C.S. Adama van Scheltema
De zon is verschenen!
De aarde straalt
Zij heeft een verdwenen
Geluk in mijn oogen gehaald.
Ik ben alles vergeten
Wat ik zooeven wist
Ach: wat is ‘t dat we weten?
Wat is ‘t! wat is ‘t!
Wat is ‘t dat we willen,
Dan de kranke aarde in ‘t
Zonlicht te tillen
Als een arm ziek kind!
In de tuin zie je overal sprietjes van de voorjaarsbollen verschijnen, o.a sneeuwklokjes, crocussen en scilla’s. Gisteren met het zonnetje in mijn rug had ik even een lente gevoel. Geen gure harde wind die door de tuin veegde maar serene rust, het zingen van vogels en natuurlijk de eerste dansmugjes boven de verdroogde grassen.
Ondanks het lentegevoel bleek de temperatuur toch nog laag te zijn, aan de Prunus hingen ijsdruppels.

Vandaag echter een grijze, miezerige dag, om het lente gevoel weer boven te halen ga ik vandaag groente en kruiden soorten zaaien in mijn kweek kasjes.
Zo onwaarneembaar als Verdriet

Zo onwaarneembaar als Verdriet
Ging snel de Zomer heen
Te onwaarneembaar leek het wel
Dat het op Ontrouw lijken kon
Een Rust, gefilterd net
Als Schemering al lang gemerkt,
Of als Natuur, een Middag heel
Alleen maar met zichzelf
De Avond viel vlugger
En vreemd scheen de Ochtend
Een Gratie, galant en toch pijnlijk als bij
Een Gast vertrekkensklaar
En zomaar zonder Vleugels
Of zonder hulp van Zeil of Kiel
Begon toen onze Zomer licht haar vlucht
In al het Mooie.
Emily Dickinson ( 1830-1886)
is een van de meest intrigerende figuren uit de Amerikaanse literatuur.
Tijdens haar leven zijn er nauwelijks gedichten van haar gepubliceerd. Pas na haar dood werd ze de belangrijkste dichteres van de 19de eeuw.
Haar verzen en gedichten klinken alsof ze pas geschreven zijn, haar gedichten zijn ook eigenzinnig maar hebben een verrassende charme.


