Herfst

Onverwachts een middag doorgebracht in het nationaalpark Dwingelderveld. De auto hebben we geparkeerd bij het Oriëntatiecentrum in de buurt van Spier. Daar hebben we de wandeling gevolgd met de blauwe paaltjes. Deze wandeling is 6 kilometer lang en voert je langs het Holtveen. Een gebied met bossen, uitgestrekte velden en vennen. In het Dwingelderveld is is in totaal zo’n 60 km aan wandelroutes uitgezet.
De herfstkleuren van de bomen zagen er prachtig uit, van geel tot diep rood maar waar we het meest van genoten hebben zijn de vele soorten paddestoelen.

Vliegenzwammen, honingzwammen, elfenbankjes en verschillende soorten boleten, teveel om op te noemen. Het fototoestel bleef in de aanslag, de éne paddestoel was nog mooier dan de andere.
In totaal die middag 90 foto’s gemaakt. De knieën van onze broeken waren niet meer echt schoon aan het einde van de wandeling.

Maar het is de moeite waard geweest. Dit Elfenbankje (Trametis versicolor) heeft mooie contrastkleuren, zijn wetenschappelijke naam versicolor dankt hij dan ook aan de bonte randen van de hoed. Het Elfenbankje groeit op dood hout en op boomstobben. Ook bij ons in de tuin zien we op de stammetjes Elfenbankjes verschijnen.
De Vliegenzwammen ( Amanita muscaria) stonden er in grote aantallen. Deze paddestoel heeft een geweldige aantrekkingskracht, bij mij kwam gelijk het kinderversje weer boven van kabouter Spillebeen. ‘Op een grote paddestoel rood met witte stippen’.

De witte stippen zijn resten van het algemeen omhulsel, een grote groep Vliegenzwammen geeft een fascinerende aanblik. Regelmatig keken we elkaar aan en zeiden ‘Mooi hé’. Wat kan de natuur, als je er oog voor hebt, een mens gelukkig maken. Zoveel rust komt er over je heen als je door de natuur wandelt.
De Honingzwam (Armillariella mellea) kwamen we op veel plaatsen tegen. Gelukkig aldoor op boomstronken en niet op bomen. Deze zwam is een gevaarlijke parasiet die houtrot veroorzaakt. In Nederland mag je geen paddestoelen plukken, het water liep me echter wel in de mond, ik weet hoe lekker deze Honingzwam smaakt als hij jong is, maar wij zijn brave burgers geweest en hebben ze niet geplukt.

In het nationaalpark Dwingelderveld loopt ook een schaapskudde, aan de overkant van een ven zagen we deze kudde grazen. Het zijn Drentse heideschapen. De herder Johan Coelingh werkt aan het in stand houden en terugfokken van dit oude ras las ik in Natuurkrant 2006 van de nationale parken Dwingelderveld en Drents-Friese Wold. Het Drentse heideschaap is een klein schaap dat prima kan leven op de Drentse zandgrond.

Schaapkuddes zijn onmisbaar in het heidelandschap. De schapen houden het gras en de bomen kort met hun geknabbel en zo krijgt de heide weer een kans. Volgend jaar willen we een korte vakantie houden in het Drents-Friese Wold en gaan we zeker een keer de Schaapskooi bezoeken.
Eerder schreef ik dat het water me in de mond liep bij het zien van de Honingzwam maar bij het Eekhorentjesbrood (Boletus edulis) kwamen ook de herinneringen weer boven aan de herfstvakantie’s in het Sauerland met de oma en opa van mijn zoons. De eerste die een Steinpilz (Eekhorentjesbrood) vond kreeg 5 Mark van opa. De pret die we daar aan beleefden roept nog altijd een glimlach bij me op. Oma bakte dan ’s avonds de gevonden paddenstoelen.

Oma kende alle eetbare paddenstoelen bij naam, van haar hebben we zo de soorten leren kennen.
In Duitsland worden nog altijd veel paddenstoelen gezocht vooral het Eekhoorntjesbrood en de Cantharellen. Deze 2 soorten zijn dan ook echte delicatessen. Wij hebben ons echter beperkt tot foto’s maken van al dat heerlijks.
Deze middag hebben we genoten van de mooie natuur in dit nationaalpark. Dwingelderveld en het Drents-Friese Wold zijn 2 unieke natuurgebieden, te vinden in zuid-west Drenthe en aangrenzend Friesland. Deze gebieden behoren tot de grootste natuurterreinen van ons land. Het is een genot om daar te lopen of te fietsen.

Reacties
Op dit artikel kan niet gereageerd worden.

