vlindertje
Waar is het gebleven het vlindertje uit mijn jeugd, in de avonduren kwam je haar massaal tegen. Schudde je even aan de haag dan stond je verbaasd te kijken hoeveel het waren. Een klein mysterieus vlindertje, wit, fluweelachtig en vederachtige vleugeltjes. Haar vederachtig uiterlijk werd nog versterkt door de lange franje langs de randen.
Een kleine nachtvlinder die behoort tot de grote groep motten.
Vroeger in de steeg achter ons huis, kwamen ze veel voor, dit feeërieke vlindertje sprak tot mijn verbeelding. De steeg was omzoomd met ligusterhaag en de haag doorweven met Winde.
De waardplant van de rupsen van dit vlindertje is de Winde, zelf heeft deze vlinder geen waardplant nodig ze nemen geen voedsel tot zich. In de zomermaanden zag je dit sierlijke vlindertje rusten op een grasstengel, door hun aparte houding keek je er vaak over heen.
Komt het door dat de stegen, tenminste in mijn omgeving, enkel bestaan uit beton en de mooie hagen van vroeger in de stad verdwenen zijn?
Op de moestuin is wel een haag en ook deze is doorweven met Winde maar dit vlindertje heb ik hier nog niet gezien. Natuurlijk helpt het niet als er af en toe maar stukjes ruig terrein zijn waarop dit vlindertje haar eitjes kan leggen, de vlinder is op zich niet zeldzaam maar wel haar biotoop.
Iedereen wil dat het netjes is, ook op het moestuincomplex heerst die cultuur. Geen wilde bloementuin of iets van onkruid, de tuincommissie houdt van zwarte grond met rijen groente. Gelukkig komen er op ons complex steeds meer vrouwen en dan merk je gelijk dat het strakke verdwijnt. Volgende zomer zaai ik een veld vol eetbare bloemen waar ik zelf natuurlijk ook af en toe van mag snoepen maar ook die prachtige insecten.
Ooit al viooltjes, klein hoefblad, maagdenpalm, Japanse kwee, witte en paarse dovenetel, madeliefjes, heide, begonias, koriander, lavendel, munt, Oostindische kers, rozen, vlijtig liesje , thijm, Afrikaantjes (tagetes), anjers, rode en blauwe salie, chrysanten, courgettebloemen, geraniums, goudsbloemen of leeuwebekjes geproefd ?
Vaak mopper ‘ook’ ik, op die akelige Winde maar realiseer me nu dat wil ik dit vlindertje ooit nog eens terug zien, ik de Winde moet laten staan.
Vijfvingerige vedermot of witte vedermot (Pterophorus pentadactyla) is de naam van het vlindertje uit mijn jeugd.
Al hoewel ze in een insecten gids van Thieme uit 1978 nog beschreven staat als Alucita pentadactyla Linné.
Op een site zag ik een witte vedermot op Boerenwormkruid. Een foto van het Boerenwormkruid heb ik wel misschien als ik lang genoeg blijf kijken naar deze foto, ik het vlindertje uit mijn jeugd zie zitten.

Reacties
Op dit artikel kan niet gereageerd worden.

